Weerstand versus interesse
Ik merk iets op in mijn gesprekken. Iets dat me aan het denken heeft gezet over hoe we als sector communiceren over verandering.
Als ik het heb over “digitalisering”, zie ik weerstand. Armen over elkaar. Een blik van “daar gaan we weer”. Het woord roept iets op. Iets oncomfortabels. Iets dat ver weg voelt van het dagelijks werk.
Als ik het heb over “slimmer werken”, zie ik interesse. Leunt naar voren. Oogcontact. “Vertel, hoe dan?”
Dezelfde oplossingen. Dezelfde voordelen. Dezelfde technologie. Maar een compleet andere reactie. Dat is geen toeval. En het heeft me iets geleerd over taal, over perceptie, en over wat we als sector anders moeten doen.
De muur van jargon
“Digitalisering” roept beelden op van grote IT-projecten. Van dure consultants met PowerPoint-presentaties. Van maandenlange implementatietrajecten. Van systemen die niemand begrijpt behalve de IT-afdeling. Van een wereld die ver af staat van het dagelijkse leven in een keuken of op een terras.
Het is een woord dat thuishoort in een directiekamer, niet in een horecazaak. Het klinkt als iets voor grote bedrijven met grote budgetten. Niet voor een restauranteigenaar die om zes uur opstaat en om middernacht thuiskomt.
Maar als ik zeg: “Wat als je team niet meer elke ochtend de voorraad hoeft te tellen?” Dan is dat geen digitalisering. Dan is dat gewoon slim.
Als ik zeg: “Wat als gasten zelf kunnen afrekenen wanneer ze willen, zonder te hoeven wachten op de ober?” Dan is dat geen technologische transformatie. Dan is dat gewoon fijn. Voor de gast én voor het team.
Als ik zeg: “Wat als je op dinsdagochtend al weet hoe je weekend eruit gaat zien qua bezetting en inkoop?” Dan is dat geen datagedreven besluitvorming. Dan is dat gewoon handig.
Het zijn dezelfde oplossingen. Maar de ene formulering opent deuren en de andere sluit ze.
Het probleem met jargon
Het probleem met jargon is dat het een muur opwerpt. Een muur tussen de ondernemer en de oplossing. Tussen het probleem en de mogelijkheid. En in de horeca, waar de meeste ondernemers hun vak hebben geleerd door te doen en niet door een MBA of een ICT-opleiding, is die muur extra hoog.
De horecaondernemer is geen techneut. Hij is een gastheer. Een kok. Een ondernemer. Hij denkt niet in systemen en integraties. Hij denkt in gasten en gerechten en diensten en weekenden. En als je hem benadert met taal die niet aansluit bij zijn wereld, verlies je hem voordat het gesprek begonnen is.
Ik heb dat ook bij leveranciers gezien. Verkopers die een demo geven vol met termen als “cloud-native”, “API-koppeling”, “omnichannel” en “real-time analytics”. De ondernemer knikt beleefd, staat op, en belt nooit terug. Niet omdat het product slecht is. Maar omdat de communicatie niet aansluit.
De les uit het onderzoek
Ik heb dit ook bij mezelf gemerkt. In de vroege communicatie rond het Horeca 2.0 onderzoek gebruikten we termen als “digitale volwassenheid” en “innovatiegraad”. Klinkt professioneel. Klinkt serieus. Maar het sprak ondernemers niet aan. De respons was lauw.
Toen we het omdraaiden naar “hoe toekomstbestendig is jouw zaak?” steeg de deelname. Hetzelfde onderzoek. Dezelfde vragen. Dezelfde resultaten. Maar een andere verpakking. En die verpakking maakte het verschil.
Hetzelfde geldt voor de Horeca Tech Keuzehulp. We hadden het een “digital maturity assessment tool” kunnen noemen. Of een “technologie-benchmark”. Of een “digitale scan”. Maar het is een keuzehulp. Want dat is wat het doet: je helpen kiezen. Dat woord snapt iedereen. Daar hoef je geen ICT-achtergrond voor te hebben.
Vertalen, niet verkopen
Mijn les, en ik deel hem met iedereen die wil luisteren: de horecasector heeft geen behoefte aan nog meer tech-taal. De sector heeft behoefte aan vertaling. Aan mensen die zeggen: dit is je probleem, dit is de oplossing, en zo werkt het. Zonder buzzwords. Zonder PowerPoint. Zonder implementatietrajecten van zes maanden.
Gewoon: slimmer werken. In taal die aansluit bij de praktijk. Met voorbeelden die herkenbaar zijn. Met stappen die klein genoeg zijn om te zetten.
Dat is wat ik probeer te doen met deze blogs. Met het onderzoek. Met de Keuzehulp. Met elk gesprek dat ik voer. Niet de technologie centraal zetten, maar het probleem. Niet de oplossing verkopen, maar de impact uitleggen.
Het woord dat ik wel gebruik
Slimmer werken. Dat is het. Twee woorden. Geen jargon. Geen afkorting. Geen Engelse term. Gewoon: slimmer werken. Zodat je meer tijd hebt voor waar het echt om draait.
Als iemand me vraagt wat ik doe, zeg ik niet meer: “Ik help horecaondernemers met digitalisering.” Ik zeg: “Ik help horecaondernemers om slimmer te werken, zodat ze meer tijd hebben voor hun gasten.”
Dezelfde boodschap. Maar de een opent een gesprek, en de ander sluit het af.
Daarom stop ik met het woord “digitalisering”. Niet omdat het onbelangrijk is. Maar omdat het woord in de weg staat van wat het betekent.
En wat het betekent is simpel: minder gedoe. Meer grip. Meer tijd. Betere gastvrijheid. Daar hoef je geen moeilijk woord voor te gebruiken.
Zie je door de bomen het bos niet meer?
Er zijn tientallen tools en softwareoplossingen voor de horeca. Maar welke passen echt bij jouw zaak? Doe de gratis Horeca Tech Keuzehulp en ontdek in een paar minuten welke technologie jou het meest vooruit helpt. Geen verkooppraatjes, gewoon eerlijk advies.